Wanneer uw gebitsprothese niet goed past, kan er slap weefsel ontstaan. Dit weefsel onder uw prothese noemen we flabby-ridge (wildvlees)

Een flabby-ridge komt veel voor bij mensen die al langer een gebitsprothese dragen. In de loop der jaren slinkt de kaak bij mensen met een gebitsprothese. Het kunstgebit blijft uiteraard zijn vorm behouden. De ruimte tussen de kaak en het kunstgebit wordt door het lichaam opgevuld met weefsel. Dit weefsel is slap en zacht waardoor de prothese niet meer goed zit.

Symptomen

  • de gebitsprothese functioneert minder goed door de groei van wildvlees
  • loszittende prothese
  • pijnklachten

Diagnose

Door inspectie in de mond kan de kaakchirurg of tandarts beoordelen of er sprake is van een flabby-ridge.

Behandeling

Onder plaatselijke verdoving kan het teveel aan weefsel worden weggehaald. Dit is een ingreep die volkomen pijnloos verloopt. De wond die ontstaat wordt daarna gehecht met hechtmateriaal dat vanzelf oplost.

Van groot belang is dat ook de onderliggende oorzaak van het ontstaan van het wildvlees wordt aangepakt. Dit is vaak een loszittende of slecht passende prothese die onvoldoende houvast heeft op de kaak. Dat betekent dat de prothese die u heeft opnieuw aangepast moet worden (relining of rebasing), of dat er een volledig nieuwe prothese gemaakt moet worden.

De oorzaak van een loszittende prothese is vaak een sterk geslonken kaak. Het is dan ook maar de vraag of een nieuwe of aangepaste prothese voldoende houvast heeft. Als dat niet het geval is dan is het vaak beter om implantaten in de onder- of bovenkaak te plaatsen zodat de prothese houvast krijgt en niet meer los over het tandvlees heen beweegt. Bovendien geven implantaten ook meer comfort.

→ zie ook: behandeling van een loszittende prothese door middel van implantaten (klikgebit)

Nabehandeling

  • Koelen met ijs zorgt voor minder zwelling.
  • Een dag na de ingreep starten met het voorgeschreven mondspoelmiddel