Als er aanwijzingen zijn dat er bij u sprake zou kunnen zijn van een slaap apneu syndroom volgt er een slaaponderzoek

Met dit onderzoek kan worden vastgesteld of er sprake is van een obstructief slaap apneu syndroom (OSAS) of centraal slaap apneu syndroom (CSAS). Dit onderzoek wordt ‘s nacht afgenomen.

Registratie in de kliniek

In ons slaapcentrum vindt het eerste slaaponderzoek (polysomnografie) plaats in het ziekenhuis. Het grote voordeel daarvan is dat u tijdens uw slaap goed geoberveerd kunt worden en dat er zodoende veel meer gegevens verzameld kunnen worden om een correcte diagnose te stellen. U slaapt hiervoor in een aparte kamer. Het slaaponderzoek is niet belastend. Veel mensen zijn zenuwachtig of bang dat ze net díe nacht goed slapen en dat er dan niets uit het onderzoek komt. Dit komt echter nooit voor. Mensen met slaapapneu slapen iedere nacht onrustig, ook al merken zij het zelf niet altijd. Het onderzoek haalt uw klachten er feilloos uit.

Thuisregistratie

Het vervolgonderzoek, om de effectiviteit van een behandeling (CPAP, MRA of chirurgische ingreep) te onderzoeken vindt over het algemeen thuis plaats. Hiervoor plaatsen de medewerkers in de kliniek een serie draden op uw hoofd en leggen verbindingen. Met een klein registratieapparaat gaat u naar huis en slaapt u in uw eigen bed. De volgende dag worden draden verwijderd in de kliniek. De geregistreerde gegevens worden dan uitgelezen en geanalyseerd.

Wat wordt er allemaal gemeten

Tijdens de slaaptest worden uw hersengolven, hartritme, ademhalingspatronen, spierspanning, zuurstofgehalte in het bloed en de bewegingen van uw lichaam geregistreerd. Dit gebeurt op de volgende manieren:

  • Slaapdiepte: Om uw slaapdiepte te kunnen bepalen, wordt een serie draden op uw hoofd geplakt. Dit is voor de EEG, het zogenaamde elektro-encefalogram. Hiermee wordt de hersenactiviteit gemeten. Hieruit maken de specialisten op of u slaapt en hoe diep. Dit kan ook gecontroleerd worden door plakkertjes bij de ooghoeken.
  • Adem halen: Met een band rond uw borst en buik wordt gecontroleerd of u pogingen doet om adem te halen. Bij een osas-patiënt gaan de bewegingen in borst en buik door, wanneer er niet via de keel adem wordt gehaald. Bij csas-patiënten geven de hersenen (tijdelijk) geen prikkel tot ademhalen. De beweging in borst en buik stopt dan.
  • Adequaatheid van de ademhaling: Er worden sensoren onder de neus aangebracht om te controleren of u nog wel ademt. Als u niet ademt daalt het zuurstofgehalte in het bloed. Het zuurstofgehalte wordt meestal gecontroleerd met een bandje over de vingertop.
  • Houding: De houding waarin u slaapt kan door een sensor vastgelegd worden. Soms gebeurt dit door een camera of door observaties van de verpleegkundige. Meestal wordt via draden naar de benen ook vastgelegd of u in uw slaap rusteloze beenbewegingen maakt (de zogenaamde restless legs).
  • Snurken: In sommige gevallen wordt ook het snurkgeluid en de intensiteit ervan vastgelegd.

Aanvullende onderzoeken

Slaapendoscopie

De slaap endoscopie is een onderzoek dat wordt uitgevoerd door de KNO-arts. U wordt in slaap gebracht en met een endoscoop (dit is een zeer flexibele camera) wordt naar de situatie in de keel- en neusholte gekeken. Op die manier kan goed vastgesteld worden op welk niveau van de luchtweg er een eventuele obstructie zit. Met deze informatie kan dan een juiste en gerichte behandeling gestart worden.

Kaakchirurgisch tandheelkundig onderzoek

Als behandeling met een MRA (beugel die de onderkaak naar voren houdt) overwogen wordt, is tandheelkundig onderzoek bij de kaakchirurg noodzakelijk. Daarbij wordt door de kaakchirurg uw gebitssituatie in kaart gebracht. Er komt door de MRA een stevige druk te staan op uw gebit en bekeken moet worden of uw gebit dat wel aankan.